Vlamingen In Noorwegen Magazine:

In deze rubriek vind U elke twee maanden een nieuw interview, U kunt natuurlijk ook altijd oudere artikels opvragen via de archief link onderaan:

Ons eerste artikel is een gesprek dat VIN-online had met de Heer Thierry De Pyper, van het Belgische B-fast team. Het snelle interventie team van de het ministerie van buitenlandse zaken..

Voorgeschiedenis

Tijdens de aardbevingen die Turkije in augustus 1999 teisterden, was ons land steeds bij de eerste hulpverleners. Hoewel de hulp ten zeerste op prijs werd gesteld, was de Regering van mening dat er een permanente structuur moest worden opgericht opdat wij beter op dergelijke operaties zouden zijn voorbereid en om de hulp sneller en doeltreffender te laten verlopen. Niets is immers doeltreffend genoeg als er mensenlevens op het spel staan. 

In november 2000 keurde de Ministerraad, op voorstel van de Minister van Buitenlandse Zaken, van de Minister van Binnenlandse Zaken en van de Minister van Landsverdediging, de oprichting van een snelle interventiestructuur goed, die zou bestaan uit urgentieteams die in het geval van een door mensen of de natuur veroorzaakte ramp snel naar het getroffen gebied zouden kunnen vertrekken.

De organisatie van het Belgian First Aid & Support Team

Het is een interdepartementale structuur onder het gezag van de Minister van Buitenlandse Zaken die bestaat uit de diensten van de Eerste Minister, de FOD’s Buitenlandse Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu, Binnenlandse Zaken, Begroting, het ministerie van Landsverdediging en het secretariaat voor Ontwikkelingssamenwerking. Binnen de FOD Buitenlandse Zaken berust de coördinatie bij een team uit de diensten onder leiding van de voorzitter van het Directiecomité. Wanneer een crisis uitbreekt primeren snelheid en besluitkracht. De Belgische hulpteams moeten worden uitgestuurd binnen de twaalf uur nadat de beslissing om te interveniëren is genomen. De interventie duurt in principe tien dagen.

Zodra alarm is gegeven, stelt de Coördinatieraad (het uitvoerende orgaan van B-FAST) , onder leiding van de Minister van Buitenlandse Zaken, een voorstel op voor de Ministerraad die onmiddellijk bijeenkomt om hierover een beslissing te nemen. B-FAST hangt enerzijds af van het Planningcomité, dat is belast met de strategische fase, en anderzijds van het Adviescomité, dat bestaat uit experts en vertegenwoordigers van NGO’s die tijdens en na de interventie worden geraadpleegd.

Wanneer wordt tot interventie overgegaan?

B-FAST komt in actie wanneer aan drie voorwaarden is voldaan:

  • de ramp is zo zwaar dat de hulpdiensten van het getroffen land niet meer in staat zijn de nodige hulp te verlenen en het leven en de gezondheid van mensen is in gevaar;
  • de autoriteiten van het getroffen land moeten zelf de hulp van België of van de internationale gemeenschap inroepen;
  • in het land dat de interventie vraagt mag geen gewapend conflict aan de gang zijn.

Welke mensen maken deel van het B-Fast team?

De effectieve interventieploegen worden samengesteld, naargelang het type catastrofe (aardbevingen, overstromingen, bosbranden, scheepsrampen met al hun gevolgen, ...) , uit operationele eenheden van: de civiele bescherming, de brandweer, de militaire eenheid B-FAST of van een medische interventieploeg. Deze eenheden zijn permanent op professionele basis begaan met het bestrijden van rampen op binnenlands niveau en ter vervolmaking volgen de (beperkt) geselecteerde manschappen oefeningen die georganiseerd worden op nationaal en internationaal vlak (OCHA/VN).

U begrijp dat het in die context quasi ondoenlijk is om als solitair individu, dat niet behoord tot één van voornoemde professionele teams, te worden ingezet in het kader van B-FAST.

Met andere landen ontwikkelde synergieën:

Europees mechanisme voor civiele bescherming, OCHA, EU-FAST

Op internationaal niveau nam België actief deel aan de uitwerking van een coördinatiemechanisme op Europees niveau. De Europese Commissie is immers belast met de opdracht de middelen in kaart te brengen die de lidstaten kunnen inzetten voor interventies in het buitenland (het staat hen vrij wel of niet deel te nemen aan de interventie), een permanent communicatienetwerk uit te bouwen en te zorgen voor de vorming en training van de teams.

Wat de toekomst betreft, worden op dit moment andere samenwerkingsvormen bestudeerd of op het getouw gezet. In nauwelijks enkele jaren tijd is B-FAST een erkende gesprekspartner geworden op het gebied van internationale noodhulp.

B-Fast neemt deel aan talrijke initiatieven zoals die van de groep INSARAG (International Search & Rescue Advisory Group) van de OCHA/VN, en het meer recente initiatief van EU-FAST.

 

In april een gesprek met Inge Roggemans van Vlamingen in de Wereld omtrent imigreren naar Noorwegen en meer bepaald over de 'lopende' projecten in welbepaalde dorpen/gemeenten in Noorwegen.

Magazine